Honingraatspoelen |
Deze honingraatspoelen uit 1926 zijn van Nederlands fabrikaat en vormen
een compleet setje van 10 stuks. In combinatie met twee afstemcondensatoren van
1000 resp. 500 cm wordt ontvangst mogelijk van alle zenders tussen de 200
en 8000 meter.
Dit type insteekspoel verschijnt in 1920 op de markt als opvolger van de eenlaags cylinderspoel met aftakkingen of glijkontakt. Een volledige set van het Amerikaanse merk "De Forest" bestaat uit 16 stuks. De nummers op de spoelen zijn de aantallen windingen. Bij de oorspronkelijke set van "De Forest" liggen deze tussen 25 en 1500 waarmee golflengtes van 200 tot 25.000 meter kunnen worden ontvangen. De prestaties van een radio ontvanger werden vroeger voor een belangrijk deel bepaald door de kwaliteit van de gebruikte afstemkringen. De kwaliteitsverschillen van zo'n kring zitten meestal in de spoel, de kwaliteit van de toen gebruikelijke condensatoren was al vrij goed. Glijspoelontvangers bestaan zelfs grotendeels uit een spoel, ook bij de kristalontvanger is de spoel prominent aanwezig.
Door spoelen met meer of minder windingen in te steken wordt het bereik van de ontvangst verschoven naar een langere respectievelijk kortere golf. |
SPECIFICATIES EN GEGEVENS
Merknaam |
Stator |
||||||
Land van herkomst | Nederland | ||||||
Eigennaam | Honingraatspoel | ||||||
Type | penafstand 19 mm | ||||||
Serienummer | geen | ||||||
Bouwjaar | 1926 | ||||||
Toepassing | antenne-, detector- en terugkoppelspoel voor ontvangers | ||||||
Golfbereik |
|
||||||
Chassis | ebonieten basis, kartonnen spoelvorm en celluloid bekleding | ||||||
Afmetingen bxhxd | 5x8x2,5 cm (No. 25) 7x10x2,5 cm (No. 400) |
||||||
Gewicht | 600 g | ||||||
Verkoopprijs | onbekend | ||||||
Geschatte waarde | € 80 | ||||||
Productieperiode | 1922-1932 | ||||||
Seriegrootte | onbekend | ||||||
Bijzonderheden |
De eigenschappen van afstemspoelen worden bepaald door de zelfinductie,
eigencapaciteit en kwaliteitsfactor. De zelfinductie (L) bepaalt, in
combinatie met de capaciteit van de afstemcondensator (C), welk
radiostation wordt ontvangen. De eigencapaciteit (Ce) van de spoel is een
ongewenste eigenschap. Deze beperkt het afstembereik en verlaagd de
kringkwaliteit aan de "hoge" kant van het afstembereik. De
eigencapaciteit moet dus zo klein mogelijk zijn. De kwaliteitsfactor (Q)
geeft aan welke opslingering van het radiosignaal theoretisch mogelijk is
met de spoel. Deze moet dus zo hoog mogelijk zijn.
De honingraat structuur van de spoelen zorgt er voor dat de afstand tussen de draden van de spoelwikkelingen maximaal is (voor een lage eigencapaciteit) terwijl de lengte van de draad minimaal is (voor een hoge kringkwaliteit). Andere vormen zoals de vlakke spinnewebspoel en de mandspoel werden ook wel gebruikt.
De draad van de spoel is meestal massief. Beter is, vooral voor gebruik op de KG, wanneer de draad bestaat uit een aantal dunne draadjes die ten opzichte van elkaar zijn geisoleerd (litzedraad). Dit wordt gedaan omdat het hoogfrequent radiosignaal zich vooral door de buitenkant, de "huid" van de draad beweegt. Door dit z.g. "skin effect" is de kwaliteit van de spoel beter als deze wordt gewikkeld van litzedraad. Om de eigencapaciteit verder te verminderen wordt het litzedraad meestal omwikkeld met zijde of katoen. De zelfinductie van een dergelijke spoel is maximaal t.o.v. de lengte van de draad wanneer de wikkeling even dik als breed is, en wanneer de gemiddelde diameter van de spoel gelijk is aan 3x de dikte van de wikkeling. Populaire merken waren onder meer Apex, Astra (een merk van Volt, Tilburg), Elka, Idzerda-Corona, Lewcos, Sinus en Stator.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
![]() |